Halte 19 – Van de ladies Tour naar Bergen

De Hoge Snelheidstrein die Chantal heet vertrok begin dit jaar van Station Blaak. De trein ging deze week voor wat klein onderhoud in de remise bij Station Berkel en Rodenrijs. Aan de keukentafel van Chantal spraken we over haar ervaringen bij de Boels Rental Ladies Tour (in de volksmond de Holland Ladies Tour geheten), over het begrip “vorm” en over plassen tijdens de koers. Tevens keken we alvast vooruit naar het WK dat de komende weken op het programma staat.
Veel leesplezier bij Halte 19!

Vorm?

Maandagavond 11 september 2017. Het stormt. Enorm.
Op het moment dat ik aanbel bij Chantal, klapt de paraplu van Mevrouw de Spookrijdert dubbel en probeert Lars tegelijk de buitendeur open te doen en de deur in het halletje dicht. Dat is knap.

‘Kom binnen, kom binnen!’
Chantal komt de trap af. Haar haar zit gewrongen in een handdoek die als tulband dient. Alleen vrouwen kunnen dat. Ook als ze zich nu buiten in de storm zou begeven: de tulband zou geen krimp geven. Ze draagt een donkerblauwe badjas, haar wangen zien rood van het warme douchewater.

‘Oh hallo! Eh…hai!’, zegt ze verwonderd.
‘Eh hai…maar je wist toch dat we langs zouden komen, ik bedoel je….’
‘Ja heb me net gedoucht. Ga zitten. Lars, zet jij thee?’

Mevrouw de Spookrijdert geeft Chantal vier zoenen waarvan de vierde, zoals altijd, in het luchtledige blijft hangen.
‘Oeps vier, da’s waar, sorry…ik ga effe naar boven, trek snel wat anders aan. Ben er zo.’
Een profwielrenster heeft altijd haast. Een tel later is ze alweer terug in de keuken. Lars heeft thee gezet (“hè gezellig jongens”) en ik pak mijn notitieblokje.

‘Hoe was India?’, vraagt Chantal.
‘Ja goed, gewonnen in de veteranenklasse…’
Chantal begint te lachen, waardoor ik me geneer.

‘De Hollands Ladies Tour is al weer een tijdje terug. Ik heb je verrichtingen in India gevolgd via Twitter….vertel!’
‘Het ging goed. Ik heb echt lekker gereden. Ik had “vorm” hahaha…’
‘”Vorm” ha-ha-ha? Verklaar eens de ha-ha-ha?’
‘In de ploeg hebben wij zo’n running gag om alles “vorm” te noemen. Als je haar goed zit, is het “vorm”. Als je goede benen hebt is het “vorm”, maar ook als je slechte benen hebt noemen we het “vorm”. Uiteindelijk is alles “vorm”. We worden er lekker melig van!’ Altijd vorm dus.

‘Je tijdrit viel mij op….je was in eh…”vorm”?’
Stilletjes hoop ik dat Chantal ook vraagt naar mijn “vorm”, want ik was in India uitstekend op dreef maar ik ben er nog niet zeker van of toen ik werd uit- of toegelachen toen ze naar het koersen in India vroeg.
‘Ja de “vorm” was prima. Ik had best goede benen. Anders dan bij het NK Tijdrijden….daar baalde ik eigenlijk nog van…’

‘Rijd jij eigenlijk op je hartslag?’
‘Nee op wattage en snelheid. Da’s het enige waar ik naar kijk. Ik zat in een heerlijke flow. Weet je, als je in goede benen bent, dan doorsta je de pijn als het ware.’

‘Ja dat had ik ook in India ook…bij de tweede etappe!’
‘Ja hahaha’, reageert Chantal. Ik voel mijn wangen roder en roder worden. Ze neemt mijn wieleraspiraties totaal niet serieus en die constatering is even pijnlijk als terecht.

‘Voel je eigenlijk spanning? Voor een tijdrit bijvoorbeeld?’
‘Ja hoor. En voor een ploegentijdrit ook. Voor een normale wedstrijd voel ik ook een soort gezonde wedstrijdspanning, maar geen nervositeit. Meer een heel goede focus.’

De focus richt zich nu op haar beker thee die ze met twee handen omklemt.
De rest was het een redelijk stabiel verlopen Ladies Tour. Zonder uitschieters naar boven of beneden.
Lars schenkt nog een tweede bakkie thee in. De wind doet er alles aan om de ramen uit de sponning te beuken. Het is zo’n typische Hollandse zomeravond die er alles aan doet om zich te verkleden als herfstavond.

‘En weet je wat ook nog opviel? Dat ik zo vaak moest plassen deze Ladies Tour hahaha…’
‘Da’s toch ook “vorm” zeker?’, probeer ik quasi gevat.
‘Ja ha-ha flauwert……. Ik heb er normaliter alleen in het voorseizoen last van. Dan is het een stuk kouder natuurlijk. Maar nu…vreemd hè?’
‘Inderdaad vreemd maar eh vertel eens, daar ben ik namelijk reuze benieuwd naar…’
‘Pardon?’
‘Nou plassen in het peloton…hoe doen jullie dat? In die cabins van Boels misschien?’
‘Nee in bosjes, maar ik ben er best wel een muts in. Ik bedoel wij moeten natuurlijk alles uittrekken. Allemaal gehannes met die oortjes en snoertjes en zo. Sommige meiden gaan gerust aan de zijkant van de weg zitten, maar ikke niet…ik heb echt wel wat privacy nodig.’

‘Vertel…’
‘Nou jullie mannen kunnen gewoon “jullie ding” eruit halen….wij toch niet?’
Het klinkt haast een beetje verwijtend maar ze moet er zelf gelukkig keihard om lachen. Mevrouw de Spookrijdert lacht samenzweerderig mee. Lars en ik kijken vrijwel gelijktijdig omlaag, alsof we om “ons ding” plotseling uitgelachen worden.
‘Ik heb eerst altijd overleg met Danny (Stam, de ploegleider, mjh) of het wel kan. Als hij OK geeft, ga ik op zoek naar goede beschutting. Eén etappe tijdens de Holland Ladies Tour roept Danny na mijn plasbeurt door mijn oortje “Hey Blakie! Volgende keer wel een betere plek uitzoeken want je helm stak boven de bosjes uit hahaha!”’

Chantal neemt een slok thee en daarbij neemt ze uitgebreid de tijd om samen met Mevrouw de Spookrijdert de laatste theerecepten uit te wisselen (“weet je wat lekker is, thee met limoen, wat honing, Chinese kool, stukjes pastinaak, wat gember, een halve geraspte koolrabi, wat venkel, peterselie, verse munt, selderij, het groen van de prei en had ik al de limoen genoemd?”), waardoor ik alvast het parcours van het WK in Bergen (Noorwegen) op mijn mobieltje kan inspecteren.

‘Eh…Chantal sorry….maar eh zullen we weer?’
‘Ja nee natuurlijk….waar hadden we het over?’
‘Tijdrit. Plassen. Toen jullie thee met limoen, honing, Chinese kool, pastinaak, gember, een halve geraspte koolrabi, venkel, peterselie, verse munt, selderij en het groen van de prei. Maar ik wil het hebben over het WK. Wanneer vertrek je?’
‘Morgenmiddag. Enorm veel zin in! Aanstaande zondag 17 september hebben we de ploegentijdrit, nou je weet intussen wel wat dat betekent voor me. Daar zijn we zó erg gebrand op…’
De glimlach is ineens weg. Geen gedol nu over plasp…
‘Moet je eigenlijk wel eens plassen tijdens zo’n ploegentijdrit? Dat zit ik me nou echt eens af te vragen.’
‘Sjee jij met je plassen…maar het is eigenlijk best een goede vraag. Weet je, als er écht koers is dan vergeet je als het ware dat je moet plassen. Heel raar is dat. Dus tijdens finales of tijdritten heb ik er nooit last van. Pas als de spanning relatief minder groot is, pas dan voel je dat je moet plassen.’

‘Hey terug naar Bergen. Vertel eens. Hoe is het parcours?’
‘Er zit een lastige klim in blijkbaar, maar ik heb het parcours nog niet gezien. Vergelijkbaar met de Cauberg, maar dan langer.’
‘Ha! De Birkelundsbakken bedoel je?’
Ik ben onder de indruk van het voorbereidend werk dat ik heb gedaan. Ik kruip in de rol van journalist, maar niet voor lang zo neem ik mijzelf voor.
‘Oh zal wel geen idee. Aan het eind is ie een procentje of negen.’

‘Hoe lang blijf je daar al met al?’
‘Niet zo lang hoor. Ik vlieg na de ploegentijdrit weer lekker naar huis. Ik wil de meiden die voor de individuele tijdrit gaan niet voor de voeten lopen. Pas donderdag 21 september vlieg ik dan weer terug naar Noorwegen om zaterdag de 23e dus mee te doen aan de wegwedstrijd. Ondertussen kan ik hier heerlijk ontspannen.’
‘Meen je dat van dat terugvliegen? Ik bedoel dat gedoe van vliegvelden, inchecken en zo…’
Mijn gedachten dwalen af naar een paar dagen terug toen ik een krap uur in een enorme rij “geparkeerd” stond voor de Immigration op Mumbai Airport.
‘Nee geen Indiase toestanden natuurlijk’, zegt Chantal alsof ze mijn gedachtes kan lezen, ‘op en neer naar Bergen stelt niets voor. En als jij en Lars en al jullie vrienden in Italië de Passo Gavia beklimmen, zit ik lekker thuis. Fillempie pakken, beetje trainen, lekker zelf koken, even de druk van de ketel. Heerlijk.’

Ik kijk om me heen.
Er branden kaarsjes op tafel. Op een schoteltje liggen nog enkele stukjes pure chocolade die Lars en ik soldaat zullen maken. De keuken ruikt naar de thee van Chantal. Lars zit achter zijn laptop en glimlacht af en toe tijdens het gesprek. Hij heeft een CD van Coldplay op gezet. Ik snap ineens waarom Chantal deze rust verkiest boven de hectiek van een WK wielrennen.
‘Groot gelijk Chantal, verdomme wat wens ik je veel succes toe in Bergen!’
Gelukkig ben ik weer bewonderaar en journalist-af.
‘Dank je wel Marco en Anita…we gaan het zien….met de “vorm” zit het wel snor hahaha!’

Tot het volgende station…..Halte 20…..het WK wielrennen in Bergen, Noorwegen!

Tekst Marco Hendriks (www.spookrijden.nu)

Geen reacties

Geef een reactie